Gevechten in en rond Beek

Deze reconstructie beschrijft de gevechten rondom Beek door het Amerikaanse 508e Parachute Infantry Regiment tijdens de Geallieerde operatie ‘Market Garden’ in de periode 17 september 1944 (landing) tot 22 september 1944 (aflossing).

Naast verschillende originele operationele documenten, luchtfoto’s, officiële rapportages en diverse publicaties op internet, zijn voor deze reconstructie ook de vele boeken gebruikt die de afgelopen jaren zijn geschreven. Soms spreken de bronnen elkaar tegen en is gekeken naar ‘een meest plausibel’ verhaal.

 

1. Landing (17 september)

Rond 13:30 op zondag 17 september dropten 42 Amerikaanse transportvliegtuigen het 3e Bataljon 508e Regiment. Het bataljon landde met o.a. de George Compagnie, de How Compagnie en de Item Compagnie rondom het landgoed Den Heuvel aan de Wylerbaan.

Dropzone_Wielerbaan.jpeg

Op deze kaart met een overzicht van luchtlandingen op 17 september staan de landingen van het 3e Bataljon in de omgeving van landgoed Den Heuvel met een cluster groene stippen aangegeven.

De eerste melding die de Oberbefehlshaber West (Generalfeldmarschall von Rundstedt) kreeg over de luchtlanding, werd gedaan vanuit hotel Groot Berg en Dal. In dit hotel was de staf geplaatste van de Division zur Vergeltung (SS-Gruppenführer und Generalleutnant der Waffen-SS Kammler), verantwoordelijk voor de operaties met V1- en V2-raketten. Direct na de luchtlanding ontruimde de staf het hotel en vluchtte richting Duitsland.

Een gevechtspatrouille, gevormd door een groep van het 2e Peloton I Compagnie, vertrok zo snel mogelijk na de landing van de dropzone als voorhoede van het 3e Bataljon richting Berg en Dal. Zodra de patrouille Berg en Dal bereikte, gingen vier paratroopers uit de groep direct door richting Nijmegen. Deze verkenners bereikten rond 18:00 de hoogten bij de Kopse Hof.

Het 3e Bataljon moest zich na de landing eerst groeperen en kon rond 15:30 vertrekken richting Berg en Dal. De G Compagnie kreeg rond 20:00 opdracht verder op te rukken tot de lijn Kopse Hof – Westerhelling om de rechterflank te beveiligen van het 1e Bataljon dat in die nacht probeerde om vanuit Heilig Landstichting via het Keizer Karelplein de Waalbrug te bereiken. De H Compagnie nam opstellingen in rondom de kruising Nieuwe Holleweg – Oude Kleefsebaan – Zevenheuvelenweg om de toegangen tot Berg en Dal te beheersen.

De I Compagnie had opdracht een wegversperring in te richten op de Rijksstraatweg in Beek maar richtte, bij vergissing, een wegversperring in op de kruising Oude Kleefsebaan – Stollenbergweg – Oude Holleweg. Een voorpost van deze wegversperring schakelde in de nacht een Duitse halftrack, die op patrouille was vanuit Nijmegen, uit op de kruising Elzenweg – Nieuwe Holleweg.

Opstellingen_3e_bataljon.jpeg

Opstellingen van het 3e Bataljon op de avond van 17 september.

1. G Compagnie

2. H Compagnie

3. I Compagnie

 

2. Eerste poging (18 september)

Omdat parachutisten kwetsbaar zijn direct na landing en omdat nog meerdere luchtlandingen verwacht werden, kregen de Duitsers opdracht met alle direct beschikbare eenheden de landingsterreinen aan te vallen.

In de vroege ochtend van maandag 18 september vielen de Duitsers o.a. ook met haastig samengeraapte eenheden aan vanuit de omgeving Zyfflich richting Beek. Via de brug over het Meertje en een voetgangersbruggetje aan het einde van het Wylerbergmeer bereikten ze zonder weerstand het centrum van Beek. Daarna probeerden de Duitsers via de Nieuwe Holleweg en Oude Holleweg de hoogte van Berg en Dal te bereiken. De Duitse aanval werd gestopt door een peloton van de H Compagnie langs de Nieuwe Holleweg en door een peloton van de I Compagnie langs de Oude Holleweg.

Tijdens de gevechten moest een paratrooper zijn schuttersput verlaten omdat hij anders met zijn mitrailleurvuur nietsvermoedende burgers in gevaar zou brengen. Hij kon de Duitsers tegenhouden maar sneuvelde zelf tijdens het vuurgevecht (Cpl Walter J. Bednarz ontving postuum het Distinguished Service Cross voor zijn buitengewone heldhaftigheid).

Direct na het afslaan van de Duitse aanval kreeg een peloton van de I Compagnie opdracht om een wegversperring in te richten in Beek, maar de paratroopers werden halverwege door de Duitsers gestopt.

Omdat later op de ochtend het 508e Regiment alle beschikbare eenheden nodig had om een Duitse tegenaanval op het landingsterrein rondom Voxhill te stoppen, kon de I Compagnie niet nogmaals richting Beek aanvallen. De compagnie kreeg daarna opdracht de lijn Kopse Hof – Westerhelling in te nemen. De H Compagnie nam de wegversperring bij het kruispunt Oude Kleefsebaan – Stollenbergweg – Oude Holleweg over van de I Compagnie.

Door de Duitse tegenaanval op het landingsterrein rondom Voxhill moest ook de G Compagnie een aanval op de Waalburg afbreken en zich aan het einde van de dag terugtrekken naar de omgeving van het landgoed Herwaarden, net ten zuidoosten van Berg en Dal.

Nadat het 1e Bataljon de Duitse tegenaanval op het landingsterrein rondom Voxhill had afgeslagen, kregen alle Duitse eenheden opdracht om zich aan het eind van de dag terug te trekken o.a. richting Zyfflich en Kranenburg.

Opstelling_3e_bataljon_1809.jpeg

Opstellingen van het 3e Bataljon op de avond van 18 september.
1. G Compagnie
2. H Compagnie
3. I Compagnie

 

3. Aanvallen en tegenaanvallen (19-20 september)

– 19 september –

Rond 08:00 op dinsdag 19 september kon een peloton van de H Compagnie via de Oude Holleweg zonder weerstand in Beek een wegversperring inrichten op de Rijksstraatweg omdat alle Duitsers zich aan het eind van de vorige dag hadden teruggetrokken richting Zyfflich en Wyler, na de mislukte tegenaanval op het landingsterrein rondom Voxhill.

Halverwege de ochtend vielen samengeraapte Duitse eenheden met gepantserde voertuigen en infanterie de wegversperring in Beek aan en omsingelden een deel van de paratroopers. De Duitsers drongen door de Amerikaanse opstellingen heen tot halverwege richting Berg en Dal.

Vanwege de hachelijke situatie in Beek kreeg het 3e Bataljon direct de F Compagnie 2e Bataljon en even later ook de D Compagnie 307 Geniebataljon onder bevel. Rond 12:00 viel het bataljon aan richting Beek om de omsingelde paratroopers te ontzetten met de G Compagnie op de linkerflank, een peloton van de I Compagnie in het midden en de F Compagnie op de rechterflank.

De G Compagnie (zonder het 2e Peloton dat in de ochtend van 19 september richting de Duivelsberg was vertrokken) viel aan via Stollenbergweg en Jan Dommer van Poldersveldtweg richting Ubbergen om een wegversperring in te richten nabij de kruising Rijkstraatweg – Pompweg met het 1e Peloton G Compagnie. In de middag werd dit peloton versterkt met het 3e Peloton D Geniecompagnie. Het 3e Peloton G Compagnie viel daarna aan richting de Ravenberg en richtte daar opstellingen in.

Stelling_Rijkstraatweg.jpeg

Paratroopers bij de wegversperring nabij de kruising Rijksstraatweg – Pompweg in Ubbergen.

Het 2e Peloton I Compagnie viel aan via Oude Holleweg en Kalorama richting Beek. In de middag werd dit peloton versterkt met het 1e Peloton D Geniecompagnie.

De F Compagnie viel aan via Nieuwe Holleweg, Bosweg en Nieuwe Bosweg richting de Vossenberg.

3e_bataljon_19-09.jpeg

Aanval van het 3e Bataljon richting Beek op 19 september.

De I Compagnie (zonder het 2e Peloton dat in Beek was ingezet) bleef in de lijn Kopse Hof-Westerhelling. De H compagnie (zonder het peloton dat in Beek was omsingeld) bleef in Berg en Dal.

De aanval van het 3e Bataljon was succesvol en het peloton van de H Compagnie in Beek werd ontzet. Het 2e Peloton I Compagnie, versterkt met het 1e Peloton D Geniecompagnie, namen de opstellingen in Beek over. Daarna werd het 2e Peloton D Geniecompagnie via de Rijkstraatweg richting Wyler gestuurd. Na zware gevechten aan de voet van de Duivelsberg konden zij rond 18:30 een wegversperring inrichten op de Rijksstraatweg, ongeveer 500 meter ten zuidoosten van hotel-café-restaurant Startjeshof.

Het 2e en 3e Peloton D Geniecompagnie werden in de loop van de avond teruggetrokken naar Berg en Dal om de reserve van het 3e Bataljon te vormen. Ook werden de paratroopers in Beek versterkt met twee 57mm antitank kanonnen (één van A Batterij en één van B Batterij 80e Anti Air/Anti Tank Bataljon).

Ontplooiing_3e_bataljon.jpeg

Aan het einde van 19 september was de ontplooiing van het 3e Bataljon:
1. Twee pelotons van de I Compagnie in opstellingen in de lijn Kopse Hof – Westerhelling
2. Een peloton van de G Compagnie in opstelling bij Ubbergen
3. Een peloton van de G Compagnie in opstelling bij de Ravenberg
4. Een peloton van de I Compagnie, versterkt met een peloton van de D Geniecompagnie en twee antitank kanonnen, in opstellingen in Beek
5. De F Compagnie in opstellingen op de hoge rand ten zuidoosten van Beek
6. De H Compagnie in opstellingen rondom Berg en Dal
7. Twee pelotons van de D Geniecompagnie in Berg en Dal als reserve

 

– 20 september –

Duitse commandanten hadden onmiddellijk na de luchtlandingen op 17 september opdrachten gegeven aan reguliere gevechtseenheden die in reserve waren zich direct te verplaatsen naar het gebied van de luchtlandingen. De verplaatsingen duurden enkele dagen en in de tussentijd hadden samengeraapte eenheden de paratroopers op 18 en 19 september aangevallen, maar zonder succes. In de vroege ochtend van woensdag 20 september vielen de Duitsers gecoördineerd aan met hun reguliere gevechtseenheden: richting Mook, Groesbeek en Wyler/Beek.

In Beek had het 2e Peloton I Compagnie, versterkt met het 2e Peloton D Geniecompagnie, twee wegversperringen ingericht: op de Rijksstraatweg richting oost en op de Verbindingsweg richting noord. Bij iedere wegsperring stond een antitank kanon.

In de loop van de ochtend werden Wyler en de Duivelsberg door Duitse eenheden aangevallen. Door goed geplaatst Amerikaans artillerievuur werd de voorbereiding van de Duitse aanval richting Beek keer op keer verstoord en werd deze aanval vertraagd tot laat in de middag.

Twee M-10’s tanks van de Britse Q Battery 21e Anti Tank Regiment ondersteunden vanaf het begin van de middag het 3e Bataljon. De tanks werden rond 14:00 vanuit Beek via de Rijkstraatweg richting de Duivelsberg gestuurd. Deze eerste Britse tanks op Duits grondgebied hielpen in Smorenhoek met het afslaan van de Duitse aanval op de Duivelsberg. Daarna trokken de beide tanks weer terug richting Beek.

Aan het einde van de middag, na een zware inleidende beschieting, konden ongeveer 500 Fallschirmjäger een hevige aanval uitvoeren richting Beek, ondersteund door gepantserde voertuigen en indirect vuur.De paratroopers raakten snel door hun munitie heen en konden de Duitse aanval uiteindelijk niet tegenhouden. De beide Britse M-10’s vochten mee met de paratroopers maar konden de Duitse aanval ook niet stoppen. In de hoek van de Nieuwe Holleweg, bij het kerkhof, werd een M-10 uitgeschakeld. De paratroopers moesten onder zware druk en onder zware verliezen al vechtend gecoördineerd terugvallen van opstelling naar opstelling. Beide anti tank kanonnen moesten worden achtergelaten. Om te voorkomen dat de Duitsers de kanonnen konden gebruiken, werden de sluitstukken verwijderd en meegenomen. Een plaatsvervangend groepscommandant van het 2e Peloton I Compagnie moest leidinggeven aan deze terugtocht richting Berg en Dal omdat alle aanwezige officieren en onderofficieren waren uitgeschakeld (Cpl. Robert E. Chisolm ontving de Legion of Merit voor zijn buitengewone moed en koelbloedige leiderschap in deze uiterst kritieke situatie: "exceptionally meritorious conduct in the performance of outstanding services and achievements").

Colville_vanaf_vd_Veurweg.jpeg

Uitgeschakelde M-10 in de hoek van de Nieuwe Holleweg en de zware verwoestingen rondom het kerkhof (aquarel van Alex Codville, gemaakt eind 1944)

Pas op de hellingen vlak voor Berg en Dal kwam de Duitse aanval tot staan. De Duitse artillerie vuurde ter ondersteuning vele granaten af, o.a. op de omgeving van hotel Groot Berg en Dal, maar de paratroopers hielden stand, ondanks zware verliezen.

Het 3e Peloton G Compagnie kreeg opdracht vanuit de Ravenberg een tegenaanval uit te voeren op de flank van de Duitse aanval maar werd gestopt door intens Duits vuur en moest terugtrekken naar de opstellingen op de Ravenberg.

Aan het begin van de avond, vlak voor invallen duisternis, kreeg de H Compagnie opdracht de Duitsers terug te dringen. De nachtelijke aanval ging van Berg en Dal via de Nieuwe Holleweg naar de Beekse vallei: het 1e Peloton H Compagnie voorop, gevolgd door het 2e peloton H Compagnie. Het 3e Peloton H Compagnie volgde als reserve.

Na zware gevechten kon het 1e peloton H Compagnie de oude opstellingen rondom het kerkhof weer innemen. Het 2e Peloton H Compagnie trok door de opstellingen van het 1e Peloton H Compagnie heen en zette de aanval voort, dwars door het centrum van Beek. De Duitsers werden in felle huis-tot-huis gevechten langzaam maar zeker teruggedrongen. Terwijl ook het 1e Peloton H Compagnie vanaf het kerkhof optrok naar de noordelijke dorpsrand, begonnen de Duitsers met een zware tegenaanval. Rond middernacht moesten de paratroopers zich terugtrekken om totale vernietiging te voorkomen, richting Berg en Dal, onder dekking van het 3e Peloton H Compagnie.

H_co_op_Beek.jpeg

Aanval van de H Compagnie richting Beek in de nacht van 20 op 21 september.

 

4. Bevrijding (21 september)

In de vroege ochtend van donderdag 21 september werden de voorbereidingen van een nieuwe aanval door eenheden van het 3e Bataljon onderbroken omdat de Duitsers vanuit Beek de hoge rand bij Berg en Dal aanvielen. Rond 06:00 kon de felle Duitse aanval door de paratroopers worden gestopt, vooral door veel Amerikaans artillerie- en mortiervuur.

Om de Duitsers geen gelegenheid te geven zich te reorganiseren, werd direct daarna de geplande aanval op Beek ingezet. Het 3e Peloton G Compagnie viel aan vanaf de Ravenberg richting Kalorama. Het 1e Peloton en het 3e Peloton H Compagnie vielen naast elkaar aan via de Beekse vallei. Het 3e Peloton F Compagnie viel aan via het Keteldal.

3e_bataljon_richting_Beek.jpeg

Aanval van het 3e Bataljon richting Beek in de ochtend op 21 september.

 

De aanval van het 3e Peloton G Compagnie vanaf de Ravenberg werd afgeslagen en ze moesten onder Duitse druk ver terugvallen tot opstellingen ter hoogte van Notre-Dame des Anges. Het 1e en 3e Peloton H Compagnie en het 3e Peloton F Compagnie kwamen vast te zitten in hevig kruisvuur in het centrum van Beek. Vanuit alle zijden werden ze onder vuur genomen en ze leden zware verliezen. De paratroopers konden hun aanval niet voortzetten en rond het middaguur kregen ze opdracht iets terug te vallen, te reorganiseren en zich gereed te maken voor een nieuwe aanval. Het 3e peloton H Compagnie moest worden afgelost door het 2e Peloton H Compagnie.

Rond 14:00 werd de aanval opnieuw ingezet via de Beekse vallei en het Keteldal. Door intens direct en indirect vuur van de Duitsers kwam de aanval moeizaam vooruit. Maar de paratroopers zetten alles op alles om toch Beek te veroveren. Tevergeefs: rond 15:00 moesten alle pelotons zich terugtrekken richting Berg en Dal.

Het 3e Peloton G Compagnie moest onder Duitse druk terugvallen tot opstellingen ter hoogte van Notre-Dame des Anges.

Laat in de middag viel het 3e Bataljon opnieuw Beek aan. De Duitsers hadden hier niet op gerekend en na een felle aanval door de paratroopers kon Beek worden veroverd. Rond 18:00 was het hele dorp vast in handen van de H Compagnie en het 3e Peloton G Compagnie kon opnieuw de Ravenberg innemen.

Aan het eind van de dag werd de sector tussen Nijmegen en Kopse Hof overgenomen door het 505e Regiment. Hierdoor kon de I Compagnie de opstellingen Kopse Hof – Westerhelling loslaten en verplaatsen richting Berg en Dal.

 

5. Aflossing (22 september)

In de ochtend van vrijdag 22 september kregen paratroopers de trieste taak om alle Amerikaanse gesneuvelden te verzamelen. In totaal werden vijftig stoffelijke overschotten vanuit Beek en Berg en Dal afgevoerd naar de tijdelijke begraafplaats in Molenhoek. S/Sgt. Lyle K. Kumler ontving het Distinguished Service Cross voor zijn buitengewone heldhaftigheid tijdens de gevechten rondom Beek. 1/Lt. William J. Garry, Cpl. Roger L. Atherton, Pfc. Joseph Nedza, Pvt. Sherman E. Axline en Pvt. Robert Z. Sherwood ontvingen postuum de Silver Star voor hun moedige optreden tijdens de gevechten rondom Beek.

Even voor 12:00 kreeg de I Compagnie, versterkt met vier tanks van het Britse C Squadron SRY, opdracht om vanuit Beek een gevechtspatrouille (‘patrol and clear’) in de oostelijke helft van de Ooijpolder uit te voeren. Rond 18:00 keerde de versterkte compagnie weer terug bij de eigen troepen in de omgeving van Beek.

In de loop van 22 september werden alle eenheden van het 3e Bataljon in Beek afgelost door eenheden van het 504e Regiment zodat het 3e Bataljon zich kon voorbereiden op de aanval richting van de Thornsche Molen die de volgende dag moest worden uitgevoerd.

 

Gesneuvelde Amerikaanse soldaten

Via deze link kom je op het overzicht met de 82nd soldaten die zijn gesneuveld tijdens de strijd in en rond Beek. 

 

Bijzonderheden

 

Colonel Ekmanstraat

Op 1 maart 1950 nam de gemeenteraad het besluit om een nieuwe straat in Beek te vernoemen naar de commandant van het 505e Regiment omdat dit regiment Beek zou hebben bevrijd.

Inmiddels weten wij beter: de dappere mannen van het 508e Regiment hebben vanaf 17 september dagenlang gevochten rondom Beek en het dorp na zeer zware gevechten op 21 september definitief bevrijd. Op 22 september droeg het 508e Regiment de verantwoordelijkheid voor de sector rondom Beek over aan het 504e Regiment.

Besluit_Col_Ekmanstraat.jpeg 

Onderbouwing van het raadsbesluit van 1 maart 1950.

 

Lt. John P. Foley plantsoen

Op 3 september 1981 nam de gemeenteraad het besluit om een plantsoen tegenover het gemeentehuis in Beek te vernoemen naar de commandant van de A Compagnie 1e Bataljon omdat de verdediging van de Duivelsberg een belangrijk bijdrage zou hebben geleverd aan de bevrijding van Beek. Echter, de keuze voor deze naamgeving doet geen recht aan de vijftig paratroopers van het 3e Bataljon die sneuvelden tijdens de hevige gevechten om Beek daadwerkelijk te bevrijden.

John_P_Foley_plantsoen.jpeg

Onderbouwing van het raadsbesluit van 3 september 1981.

Het zou meer dan terecht zijn als er ooit een straat of een plantsoen vernoemd wordt naar de commandant van het 508e regiment, Col. Roy E. Lindquist of naar de commandant van het 3e Bataljon, LtCol. Louis G. Mendez.